300 Willemijn

Drs. Willemijn Jansen

Drs. Willemijn Jansen heeft Psychologie met een research master in Neuropsychologie gestudeerd in Maastricht en is sinds mei 2012 werkzaam bij het Alzheimer Centrum Limburg en de Universiteit van Maastricht. In haar promotieonderzoek zet zij zich in om de diagnose van de ziekte van Alzheimer zo vroeg mogelijk te kunnen stellen. Dit is belangrijk omdat wetenschappers denken dat een behandeling de meeste kans van slagen heeft in een vroege fase van de ziekte, voordat het brein ernstig beschadigd is geraakt.

Een manier om een voorspelling te maken voor de toekomst, is het detecteren van neuropsychologische veranderingen bij mensen met voorlopers van de ziekte van Alzheimer. Op de geheugenpoli van het MUMC+ worden mensen zonder cognitieve stoornissen en mensen met milde cognitieve klachten jarenlang gevolgd. Het onderzoek richt zich op het identificeren van neuropsychologische profielen die het ontwikkelen van dementie in een vroege fase kunnen voorspellen. Dit onderzoek staat dicht bij de dagelijkse klinische praktijk, waar een neuropsychologisch onderzoek vaak standaard wordt afgenomen.

Een andere manier om mensen in een vroege fase van de ziekte op te sporen is met behulp van biomarkers. Het eiwit dat zich opstapelt in de hersenen van mensen met de ziekte van Alzheimer kan gemeten worden in hersenvocht of met behulp van een PET hersenscan. Uit onderzoek is gebleken dat deze metingen kunnen voorspellen of iemand Alzheimer dementie gaat ontwikkelen. Centra van over de hele wereld hebben dit soort metingen verricht en de gegevens opgestuurd naar Maastricht. Door al deze gegevens samen te nemen bekijken wij hoe vaak dit eiwit in abnormale hoeveelheden voorkomt bij mensen zonder dementie en hoe dit afhangt van leeftijd, geslacht, opleiding en genetische kenmerken.

Het is bekend dat een diagnose bij dementie op jonge leeftijd vaak erg lang op zich laat wachten, wat leidt tot onzekerheid bij de patient en diens omgeving. Door het vroeg opsporen van de ziekte van Alzheimer door middel van neuropsychologisch onderzoek en biomarkers kan aan de patiënt een prognose worden gegeven zodat op de toekomst geanticipeerd kan worden. Ook kan duidelijkheid over de juiste diagnose misverstanden en vicieuze cirkels, ingegeven door schaamte, isolatie en angst voorkomen. Hopelijk maakt een vroege diagnose het in de toekomst ook mogelijk om tijdig met een behandeling te starten.